Menu Sluit
Rapportage

Een groene jas voor de orchidee

Wat is de beste keuze om orchideeën te verpakken: papier of plastic? Een makkelijke vraag om te stellen, maar moeilijk te beantwoorden. De zoektocht van kweker Stolk Flora naar ‘een groene jas voor de orchidee’ leverde een veertig pagina’s tellend position paper over duurzaam verpakken op. Er zijn radicale veranderingen nodig, door de hele keten heen. Stolk Flora werkt er stapje voor stapje aan.

Een groene jas voor de orchidee

“De vraag is inderdaad simplistisch, dat wisten we zelf ook wel”, zegt Koen van Koppen, die naast eigenaar Jan Stolk directielid is van de in Bleiswijk en Bergschenhoek gevestigde orchideeënkwekerij. “Maar ‘plastic of papier?’ is ook precies de vraag die klanten aan óns stellen en daar willen we graag een concreet antwoord op geven. Dat is niet eenvoudig. De grootste uitdaging is dat alleen naar kosten wordt gekeken, maar ook dat er te weinig kennis is over duurzame verpakkingen. Het opstellen van het position paper heeft ons geleerd dat we veel dieper in de materie moeten duiken en nóg meer met de keten - klanten, leveranciers, afvalverwerkers, consumenten – in gesprek moeten. En dan kan het antwoord op de vraag misschien wel per klant of per land verschillen.”

Introductie Stolk Flora

Elke week worden bij Stolk Flora zo’n 70.000 stekjes van de Phalaenopsis - de uit het Grieks afkomstige verzamelnaam van allerlei soorten orchideeën - aangevoerd. De babyplantjes, met alleen nog maar een paar kleine blaadjes eraan, worden op trays aangeleverd en handmatig in een groter potje overgeplant. De trays van de stekleveranciers zijn van doorzichtig plastic en vormen een behoorlijke afvalstroom. “Net als al ons andere plastic afval scheiden we dat netjes. In totaal scheiden we zes verschillende soorten plastic”, aldus Van Koppen. Ook de potjes waarin de stekken worden overgezet, zijn allemaal van doorzichtig plastic. De wortels van de orchideeën hebben namelijk licht nodig om te groeien. “We hebben potten van andere materialen getest. De alternatieven vergaan of zijn stukken duurder en de planten groeien minder. Wie op een dag doorzichtig papier uitvindt, mag mij meteen bellen”, zegt Van Koppen, om maar aan te geven dat hij voor de wildste ideeën open staat als die helpen om duurzamer te worden.

Gevoel met de markt

In Bleiswijk en omgeving, een mini-Westland tussen Rotterdam en Zoetermeer, worden vooral veel paprika’s, tomaten en komkommers gekweekt. Ook de familie Stolk ‘zat’ oorspronkelijk in de paprika’s, maar inmiddels al twintig jaar geleden werden die ingeruild voor orchideeën. Het kassencomplex meet tegenwoordig 6,1 hectare, verdeeld over twee locaties. Planten zijn een mooier product dan groenten, vindt Van Koppen. “In de groenten telt vooral om zoveel mogelijk kilo’s van een goede kwaliteit te produceren en uiteindelijk moet je maar zien welke prijs dat oplevert. In de planten heb je veel meer gevoel met de markt. Als je een plant kunt maken die onderscheidend is van de rest, dan zie je dat ook terug in de waarde. Daarom zijn hier en in het Westland meer dan vijftig orchideeënkwekers steeds op zoek naar vernieuwing. Ze willen allemaal voorop lopen. Wij komen binnenkort met een geurende orchidee. Daar bestaan er wel wat van, maar die hebben geen mooie kleuren en ze bloeien ook niet zo lang. Onze Bolgheri, die we samen met een veredelaar hebben ontwikkeld, is echt de beste en daar zijn we héél blij mee.” De ultieme wens van alle orchideeënkwekers is trouwens om een Ferrari-rood exemplaar te telen. Van Koppen: “Veel andere planten zijn in die kleur te verkrijgen, maar de Phalaenopsis niet.”

Wie op een dag doorzichtig papier uitvindt, mag mij meteen bellen”

Tuinderszoon Koen van Koppen (“Mijn vader had een kwekerij voor kamerplanten en ik wist altijd dat ik in deze sector wilde gaan werken”) kwam tien jaar geleden voor het eerst over de vloer bij Stolk Flora. “Ik was nog student bedrijfskunde aan de Erasmus Universiteit en deed een master in strategisch management. Via, via hoorde ik dat Stolk op zoek was naar iemand die op projectbasis allerlei bedrijfsbrede vraagstukken onderzocht, variërend van processen in de kwekerij tot klantenonderzoek en hoe je je op social media presenteert. Na mijn studie ben ik blijven hangen.” Van Koppen kwam in 2014 fulltime in dienst en kreeg een steeds breder takenpakket. Sinds 2019 vormt hij samen met Jan Stolk de tweekoppige directie. “Jan is van nature echt een innovatieve teeltman en verantwoordelijk voor het kweken van de planten. Ik ben de financieel en commercieel manager.”

Footprint Stolk Flora

In de afgelopen jaren leverde het bedrijf méér duurzame inspanningen om zijn footprint omlaag te brengen. Sinds 2018 wordt al het water hergebruikt, wat tot een aanzienlijke daling van het meststofgebruik heeft geleid. Ook het energieverbruik is verduurzaamd. Op de locatie in Bergschenhoek (kassencomplex van 2,3 hectare) is bijvoorbeeld een warmtepomp aangeschaft. In combinatie met andere energiebesparingsmaatregelen werd in drie jaar een besparing van meer dan een miljoen kuub gas gerealiseerd, wat gelijk staat aan het jaarlijkse stroomgebruik van 850 huishoudens. “Ons energieverbruik is 18 procent lager dan dat van andere Phalaenopsis-kwekers”, aldus Koen van Koppen.

“In 2017 zijn we begonnen met het berekenen van onze totale footprint. Vanaf dat moment tot eind 2019 hebben we ruim 1.535 ton CO2 bespaard, wat gelijk staat aan 10.745 keer heen en weer vliegen tussen Amsterdam en Parijs. We zijn er trots op, dat het runnen van een bedrijf, waar natuurlijk ook geld verdiend moet worden, hand in hand kan gaan met respect voor de aarde. Maar ‘buiten’ wist eigenlijk niemand daar iets van af. Dat zijn we gaan communiceren en zo ontstond Your Natural Orchid.”

Your Natural Orchid, dat is de naam waaronder Stolk Flora sinds 2016 met zijn orchideeën naar buiten treedt om de biologische aanpak in de kwekerij te accentueren. “Jan Stolk heeft altijd de intrinsieke motivatie gehad”, vertelt Van Koppen, “dat de manier waarop wij in deze wereld bezig zijn - met name ook in de glastuinbouw - eindig is. Iedereen is vroeger opgevoed met chemische gewasbeschermingsmiddelen en Jan vond dat het anders moest. In plaats van chemicaliën gebruiken wij biologische en bij-vriendelijke middelen die onze planten sterker en dus beter maken, met meer weerstand. Verder gebruiken we stoffen, zoals knoflookextract, die planten minder aantrekkelijk maken voor plagen; insecten landen er dan liever niet op. En we zetten preventief natuurlijke vijanden in, volgens het standing army principe. We weten waar én in welke tijd van het jaar plagen kunnen ontstaan en zorgen dat ons leger dan paraat staat. Vroeger hadden we veel last van wolluis, bijvoorbeeld, wat elk jaar terugkwam. Het nadeel van chemische bestrijdingsmiddelen is dat ze niet alleen het slechte maar ook het goede doden. Sinds we ze met een roofkever bestrijden, die de luizen opeet, zien we ze niet meer terug.”

De Nederlandse Eurocommissaris Frans Timmermans werkt ondertussen hard aan een halvering van het zogenoemde middelenpakket, een lijst met chemische middelen die niet meer mogen worden gebruikt om gewassen te beschermen. Van Koppen: “Daar voldoen wij allang aan. Over een paar jaar werkt iedere kweker zoals wij. Ze moeten wel.”

Verpakkingen

Of zij dan ook aan duurzaam verpakken denken? Stolk Flora heeft ook op dit front, als voorloper in de branche, al verschillende resultaten geboekt. “Verpakkingen staan sinds enkele jaren op onze agenda, toen onze klanten – veelal exporteurs - daar eigenlijk nog nauwelijks in waren geïnteresseerd. “Als wij erover begonnen, zeiden ze steevast dat hun klanten, de tuincentra en bloemisterijen, daar niet om vroegen. Het was hun standaard antwoord. Ze zien verpakkingen vooral als bescherming tijdens het transport. De afgelopen jaren merken we wel een kentering. Zoals Greenpeace onze branche destijds een wake up call gaf over de chemische bestrijdingsmiddelen, rammelt nu de Plastic Soup Foundation aan de deur. Ze hebben Royal Flora Holland aangesproken op de hoeveelheid plastic die wordt gebruikt”, zegt Van Koppen. “Dat sijpelt door naar de markt. Waar mensen enkele jaren geleden nog dachten dat het onderwerp wel over zou waaien, snapt iedereen nu dat ze echt iets aan duurzame verpakkingen moeten doen.”

Stolk Flora

“Wij zijn in 2018 begonnen om ons plasticgebruik te reduceren. Wij gebruikten 145 ton plastic per jaar, waarvan 45 ton bestaat uit hoezen, 40 ton uit trays en 60 ton uit potten. In welke mate het lukt om de plastic berg kleiner te maken, is afhankelijk van de wensen van onze klanten. Meestal zijn dat exporteurs, naar alle landen in Europa, waar groothandels en ketens van tuincentra, bloemisten en supermarkten achter zitten. Die willen misschien best iets meer betalen voor een duurzaam verpakt product of een ander type verpakking, als ze daarmee bijvoorbeeld op de kosten voor afvalverwerking besparen. Die eindklanten zouden we dus meer bij het proces moeten betrekken. Want ondertussen wordt de inkoper bij de exporteur nog altijd afgerekend op zo scherp mogelijk inkopen. Handel is handel."

Papieren wikkel

Van Koppen vertelt verder: “Normaal gesproken ging elke plant hier in een plastic hoes de deur uit: tien planten in een tray, tien plastic hoezen, die er op het verkooppunt – rits, rats – direct van af worden gehaald. Want tuincentra en bloemisten presenteren de planten liefst zonder verpakking. Als je even goed nadenkt over die grote hoop plastic afval, dan is dat van de zotte, toch?” Hiervoor heeft Stolk Flora samen met zijn verpakkingsleverancier (Paardekooper) een papieren wikkel bedacht, die om de tray heen gaat. “Bloemisten weten gelukkig wel hoe ze die er voorzichtig af moeten halen. Dat is belangrijk: dat klanten weten hoe ze ermee om moeten gaan om beschadiging aan de orchidee te voorkomen. De bloemen zijn namelijk fragiel. Wij waren de eerste kweker ter wereld die met zo’n papieren wikkel op de markt kwamen en daarmee besparen we jaarlijks 12.000 kilo plastic. Tegelijkertijd kwam onze leverancier van de trays (Modiform) met een honderd procent composteerbare tray op de markt, vervaardigd uit papierpulp, waardoor we deze orchideeën dus met een volledig plasticvrije verpakking bij de klanten afleveren.”

Daar krijgen we energie van: mensen die iets durven en dan zien hoe het werkt”

“In de supermarkten blijven de plastic hoezen wel vaak om de plant. En ook in het hogere retailsegment bestaat de behoefte om de orchideeën luxe, in een verpakking, te presenteren. Consumenten willen immers kunnen zien dat ze een mooie plant kopen. Voor dit deel van onze afzet hebben we óók een papieren hoes ontwikkeld, die deels open is. Het zijn prachtige oplossingen, maar het succes wordt toch vooral door de prijs bepaald. Zolang we de verpakkingen voor dezelfde prijs kunnen leveren, klaagt niemand. De bereidheid om er méér voor te betalen, is er meestal niet. Dan is voor veel klanten de verpakking ‘maar een verpakking’.” In het position paper ‘Een groene jas voor de orchidee’ wordt gesteld om de kennis van alle experts in de keten beter te benutten. Welke reis legt de plant af en welke behoeften komen daarin voor? Van Koppen: “Door deze reis samen te maken ontstaan andere ideeën voor verbetering. Dan heeft de transporteur of exporteur bijvoorbeeld ineens de beste ideeën.”

Position paper: de lat steeds een beetje hoger leggen

“Bij verpakkingen komt veel gevoel kijken. Als het er maar duurzaam uitziet… Wij willen op basis van feiten bepalen wat het beste is.” Met de vraag ‘papier of plastic?’ had Koen van Koppen van Stolk Flora een mooie case voor de tuinbouw- en sierteeltsector om op onderzoek te gaan. Van teler tot afvalverwerker, iedereen doet mee in de zoektocht naar duurzame en milieuvriendelijke oplossingen om het enorme plasticverbruik te verminderen. Er bestaan inmiddels verschillende initiatieven, zoals het Brancheplan Duurzaam Verpakken voor de tuinbranche en het Programma Plastics van Greenport West-Holland.

In samenwerking met Orchidee Nederland en ACCEZ werd het position paper ‘Een groene jas voor de orchidee’ opgesteld. ACCEZ is een samenwerking tussen de provincie Zuid-Holland, TU Delft, Universiteit Leiden, Erasmus Universiteit Rotterdam, Wageningen University and Research en VNO-NCW West, opgezet om de circulaire economie in de provincie Zuid-Holland te versnellen op de thema’s gebiedsontwikkeling, kringlooplandbouw, maakindustrie en kunststoffen.

Een uitgebreide rondgang langs ketenpartijen leverde drie uitgangspunten op. Als eerste het verbeteren van de bestaande verpakkingen: zo min mogelijk materiaalgebruik en duurzame materiaalkeuzes. Het tweede is om alle kennis in netwerken te delen en zo beter te benutten. Het derde perspectief is radicaal omdenken naar nieuwe, duurzame business cases. Van Koppen: “Dat blijkt voor veel ondernemers geen beginpunt, maar iets aan de horizon. We moeten de reis samen stapje voor stapje maken. Bij hoogspringen leg je de lat ook steeds een beetje hoger, in plaats van direct voor een Olympisch record te gaan.”

Download hier het position paper ‘Een groene jas voor de orchidee’.

Hoe je samen kunt scoren, bewijst Van Koppen met een ander voorbeeld waarin Stolk Flora plastic voor papier heeft ingeruild. Er zijn zogenoemde Deense dozen, waar twaalf orchideeën tegelijk in worden verpakt. Ook die werden ‘ingehoesd’, om te voorkomen dat de bloemen langs elkaar schuren en in elkaar haken. “We hebben de plastic hoezen vervangen door papieren tussenvellen. Eén van onze exporteurs zei: ‘Ik ga niet aan mijn klanten vragen of ze dat wel willen, want dan weet ik het antwoord al. Het zal wel meer beschadigingen opleveren, dus doe maar gewoon zoals altijd’. Deze exporteur nam de proef op de som. We mochten de hoezen door tussenvellen vervangen en dan zou hij wel horen of z’n klanten het er mee eens waren. Het resultaat was dat maar 5 procent toch liever de plastic hoes wilde. Dan wordt lef dus beloond. Daar krijgen we energie van: mensen die iets durven en dan zien hoe het werkt.”

Regelgeving werkt

Het zijn kleine, maar belangrijke stappen voor Stolk Flora. Van Koppen: “De werkelijkheid is dat nog altijd het grootste gedeelte van onze productie in plastic de deur uit gaat. Er gaan wel steeds meer partijen met elkaar in gesprek. Verder zien wij dat regels vanuit de overheid voor verandering kunnen zorgen. Toen in Duitsland vorig jaar een nieuwe verpakkingswet werd ingevoerd, waren de exporteurs die op Duitsland rijden ineens met verpakkingen bezig. Hoe het dan precies zit met de wetgeving, weten ze niet altijd. Bovendien: de wetgeving en de manier waarop afval wordt ingezameld, verschilt ook per land. Het zou helpen als duidelijk is hoe elk land dit heeft geregeld of dat er meer uniformiteit komt. Ik ben voor een beslisboom per land en per keten. Daarmee zouden de kwekers dan in gesprek kunnen gaan met exporteurs, om zo tot betere keuzes te komen.”